Geliefde gemeente van onze Here Jezus Christus, geliefde kijkers,
Deze week mogen we God danken dat vele jongeren hun diploma hebben behaald. Ook jongeren uit onze gemeente mogen dit heugelijke feit vieren. Wat fijn dat je een lange periode van onderwijs mag afronden. Dat is een belangrijk moment. Je wilt verder. Eeuwig op de middelbare school verblijven is gelukkig voor de meeste jongeren geen wens. Je wilt een stap zetten. Op weg naar een vervolgopleiding, op weg naar werk. Het leven bestaat uit een reis. Het is gezond dat je dingen afrondt, zodat je verder kan gaan naar het doel van scholing: een baan om jezelf te onderhouden.
Maar waarnaar ben je op weg in het leven? Dat is een belangrijke vraag. Want wat jouw levensbestemming is, bepaalt jouw levensroute. Vandaag zullen we ontdekken wat God voor ogen heeft voor jou en mij. De Here wil dat jij in beweging komt om naar Hem te gaan. Misschien weet je nog dat ik een paar weken terug al preekte over de beloften uit 1 Petrus 1:1-12: hoop brengt je thuis. Petrus leert ons welke rijke beloften we ontvangen in Christus. We staan in een nieuw leven, opnieuw geboren tot een levende hoop. We delen in de onvergankelijke erfenis van Jezus werk: de dood heeft niet langer het laatste woord. We weten dat de Heer ons leven draagt. En die hoop, zo preekte ik, helpt ons om vol te houden in de slechte tijden van het leven. Ze helpen je te herinneren: hier op aarde is het niet. Wij zijn onderweg naar een beter Vaderland.
Daar waar je echte blijvende rust vindt, waar je echt voor altijd jezelf kunt zijn zoals je hemelse Vader je bedoeld heeft. Daar waar we voor altijd met de Here mogen leven. Maar het vervolg van hoofdstuk 1 is vervolgens een hartstochtelijke oproep van Petrus: kom in beweging! Ik wil daar deze morgen bij stilstaan. Hoe je als christen in beweging moet komen. En dat doe ik aan de hand van een vraag. Een vraag waar jij zelf een antwoord mag vinden:
Ben jij klaar voor de reis van het leven?
Kun je daar nu alvast even op kauwen? Wat antwoord je intuïtief op deze vraag? Waarom ben je er wel of niet klaar voor?
Aan de hand van 1 Petrus 1:13-17 ga ik uitwerken hoe de reis eruitziet. Wat is de bestemming, de route en wie is onze reisgenoot. Met deze bouwstenen kom ik dan op het einde uit bij de vraag: Ben jij klaar voor de reis van het leven? Mijn hoop en gebed is dat je door het beantwoorden van deze vraag scheper zicht hebt op jouw levenspad! Waarnaar ben je doorgaans op weg? Ik hoop ook het verlangen aan te wakkeren om het pad te belopen naar God toe. Bij Hem kom je thuis!
1 Petrus 1:13–17 NBV 13 Laat uw geest daarom voortdurend paraat zijn, wees waakzaam en vestig al uw hoop op de genade die u ontvangen zult wanneer Jezus Christus zich openbaart. 14 Wees als gehoorzame kinderen en geef niet opnieuw toe aan de begeerten waardoor u vroeger, toen u nog onwetend was, werd beheerst, 15 maar leid een leven dat in alle opzichten heilig is, zoals hij die u geroepen heeft heilig is. 16 Er staat immers geschreven: ‘Wees heilig, want ik ben heilig.’ 17 En aangezien u hem die iedereen beoordeelt naar zijn daden, zonder aanzien des persoons, Vader noemt, moet u tijdens uw leven als vreemdeling ook ontzag voor hem hebben.
Laat mij nu eerst uitwerken wat Petrus hier zegt, daarna werk ik de verschillende bouwstenen verder uit. Petrus zegt: laat uw geest paraat zijn; letterlijk staat er: omgord de lendenen van uw verstand. Wat betekent dat, je lenden omgorden? In het Midden-Oosten droegen de mensen geen broeken maar hadden ze lange gewaden. Die reikten tot de voeten. Maar wanneer ze op reis gingen, werken moesten, of strijden, dan werd de mantel omgord. Ofwel: door een riem werd de mantel omhooggehouden en had hij meer bewegingsruimte. Petrus zegt nu: zo moet jouw geest paraat staan. Je moet scherp zijn! Want je hebt een reis af te leggen.
Petrus zegt vervolgens: wees waakzaam. Hier staat iets als: wees sober. Dat wil zeggen, niet dronken van de wijn. Je moet onderweg niet bedwelmd raken door de drank. Uitleggers zeggen dat je dit breder moet zien dan alleen drank. Het gaat erom dat je bij zinnen bent. Dat je klaar bent om te reizen en niet mentaal vergiftigd bent door allerlei bezigheden. Paraat staan en waakzaam zijn gaat dus over een goede voorbereiding, hieruit vloeit het thema van de preek voort: klaar voor de reis van je leven?
Petrus zegt vervolgens: vestig al uw hoop op de genade die u ontvangen zult als Jezus Christus zich openbaart. Dit is de bouwsteen van de bestemming. Gods genade hebben we in Christus nu al ontvangen, maar het is nog niet voltooid. Wat is genade? Dat de Here jou graag ziet ondanks je misstappen. Genade is: de Heer wil met ons een groots bruiloftsfeest vieren waarin mens en God verzoend zijn voor eeuwig. Straks komt de dag dat voorgoed alle afstand tussen ons en de Here verdwenen zal zijn. Dat is de genade die komt. Nu al is het beloofd, het is de hoop die we hebben, want God heeft niemand minder dan zijn eigen Zoon geschonken om ons ervan te overtuigen dat God opnieuw begint met jou en mij. God is nu ook al genadig met ons, maar het is nog niet voltooit: God is nog niet onder ons zoals het ooit was. We zijn in afwachting van het moment dat alles nieuw wordt en uitgeroepen wordt:
Openbaring 21:3–5 NBV 3 Ik hoorde een luide stem vanaf de troon, die uitriep: ‘Gods woonplaats is onder de mensen, hij zal bij hen wonen. Zij zullen zijn volken zijn en God zelf zal als hun God bij hen zijn. 4 Hij zal alle tranen uit hun ogen wissen. Er zal geen dood meer zijn, geen rouw, geen jammerklacht, geen pijn, want wat er eerst was is voorbij.’ 5 Hij die op de troon zat zei: ‘Alles maak ik nieuw!’ – Ik hoorde zeggen: ‘Schrijf het op, want wat hier wordt gezegd is betrouwbaar en waar.’ –
Dit is de genade die gaat worden geopenbaard. Dit is onze Bestemming dus.
Vervolgens zegt Petrus in 1 Petrus 1:14
1 Petrus 1:14 NBV 14 Wees als gehoorzame kinderen en geef niet opnieuw toe aan de begeerten waardoor u vroeger, toen u nog onwetend was, werd beheerst,
Dit is de bouwsteen van de route: hoe komen we tot onze bestemming. Wees als gehoorzame kinderen zegt Petrus. Let goed op wie je hemelse Vader is en volg Hem na. Zoals Petrus zegt: wees heilig, want ik ben heilig. Maar Paulus ook in Ef. 5:1: volg dus het voorbeeld van God, als kinderen die Hij liefheeft en ga de weg van de liefde. Of zoals Jezus zegt: wees barmhartig zoals jullie Vader in de hemel barmhartig is. Een Godgewijd leven is onze roeping. En daarmee ook een vlucht uit het leven waar we vandaan komen, een leven waarin we de Vader niet volgen, en we niet op Hem lijken. Ons oude leven dat zijn dwaalwegen. Of je kan het ook zeggen: wie van de pleisterplaatsen van het leven zijn bestemming maakt die komt nooit thuis. De route van ons leven is dat we in alles wat we doen het voor de Heer doen. Eigenlijk zou je kunnen zeggen: we gaan steeds meer de genade ademen, waarnaar we op weg zijn. De route is dus de gehoorzaamheid.
En in 1 Petrus 1:15 lezen we ten slotte:
1 Petrus 1:15 NBV 15 maar leid een leven dat in alle opzichten heilig is, zoals hij die u geroepen heeft heilig is.
Dit is wat ik noem de bouwsteen van de reisgenoot. Wij denken bij heiliging, want daar gaat het hier over, dat het allereerst hetzelfde is als gehoorzaamheid. Heilig leven is dan een volmaakt leven. Natuurlijk is dat je roeping, maar we weten dat we daar vanuit onszelf niet toe in staat zijn. Maar heiliging is meer dan gehoorzaamheid. Het is eigenlijk te vergelijken met huwelijkstrouw. Als je trouwt dan beloof je elkaar wederzijdse toewijding voor het leven. In het verbond van trouw zoek je elkaar steeds weer op. Je blijft elkaar naderen, je deelt elkaars levens, je helpt elkaar groeien en je helpt elkaar dragen. En nu weet ik dat de werkelijkheid weerbarstig is, maar dat is te vergelijken met heiliging. Een mooie omschrijving vond ik bij Geerhardus Vos: Leven met God is niet eerst: gehoorzaamheid, afhankelijkheid of voor Gods zaak leven; leven met God is vooral en eerst wederkerige omgang!
Daarom vertaal ik een heilig leven dus als reisgenoot. heilig leven is in alles met God willen leven. Hem betrekken bij alles wat je doet. Waar gehoorzaamheid zegt: Heer wijs mij uw weg, daar zegt heiliging: laat mij alles met U doen.
Samenvattend zou ik willen zeggen de belangrijkste reis van je leven is helemaal gecentreerd om de Here die je als Vader mag kennen. We gaan op weg naar de Heere. Verlangend naar Hem, willen we meer en meer op Hem gaan lijken, dat is onze route. Maar we kennen onze zwakheid, en willen niet alleen gaan. We wijden ons leven helemaal aan Hem, opdat we met Hem door het leven reizen naar onze eeuwige bestemming, dat is heiliging, ga met de hemelse Reisgenoot. Ik zou het zo willen samenvatten: Onderweg naar de eeuwige genade van Gods aanwezigheid, ga ik met God en ga ik achter God aan.
Nu is de vraag, ben ik er klaar voor die reis van mijn leven? De enige reis die je thuisbrengt? En hoe herken ik mezelf eraan? Nu je hopelijk de bouwstenen scherp hebt vanuit 1 Petrus 1, wil ik proberen je te helpen een antwoord te vinden op de vraag. Dat doe ik aan de hand van twee voorbeelden over het schoonmaken van de WC. Twee verschillende manieren van schoonmaken, verraden twee bestemmingen.
- In een bepaalde kerk was er altijd een team van schoonmakers voor de kerk. En één van die schoonmakers was een vrouw die altijd vol vreugde de WC’s schoonmaakte. Haar blijdschap was zo groots dat het iedereen opviel. Ze viel zelfs zo sterk op dat ze op een zondag tijdens de dienst in het zonnetje gezet wet, want wat had die mevrouw aan de voorganger vertelt: ik kan zo vrolijk zijn omdat ik schoonmaak voor de Heer. Zij was niet de voorganger, ook niet de aanbiddingsleider, mensen die altijd in de schijnwerpers staan. Maar in dit nederige werk van het schoonmaken van de toiletten straalde het licht van de eeuwigheid op haar af. Je zag aan alles dat ze onderweg was naar de Heer, achter de Heer aan, met de Heer.
- Nou, dan en dan nu huize Van Zwol. Daar gaat het er soms, niet altijd, een tikkeltje anders aan toe. De heer des huizes is eindbaas voor de WC en de badkamer, en doorgaans is het beter dat vrouw en kinderen dan niet in de buurt zijn. Schoonmaakwoede in de letterlijke zin van het woord. Dezelfde situatie: schoonmaken,dezelfde geloofsovertuiging: twee christenen, maar toch totaal verschillende reacties. Ik ken toevallig de heer des huizes aardig. Hij vergeet nogal eens dat ook het schoonmaken van de WC voor de Heer is. Voor hem voelt schoonmaken vaak als een lastige barrière voor alle belangrijke dingen die hij moet doen. Belangrijke dingen waar hij meer eigenwaarde uit denkt te halen. Dingen die worden gezien waar eer uit te behalen valt.
Oei! Daar ontdekken we een andere bestemming dan de genade van God. Daar ontdekken we de bestemming van de eigen roem. En het is helemaal niet erg als je gewaardeerd wordt voor iets dat je doet. Maar het punt is, de goede zaken moeten niet het hart worden van je leven. De pleisterplaats van een compliment, moet niet je bestemming worden. Dan ga je er voor leven en dan wordt je onrustig als je dingen moet doen waar je voor je gevoel te weinig erkenning voor krijgt.Je ziet dus: jouw bestemming kun je herleiden uit de dingen die je doet. Kijk eens naar die mevrouw. Ze ging met de HEER, ze leefde heilig. Ze was ook in het poetsen bij de Heer. En ze deed het voor Hem. Vol van zijn genade, is poetsen met genade. Metterdaad straalde genade van haar werk! Kijk eens naar de heer des huizes in familie Van Zwol. Hij vond het poetsen van de WC een noodzakelijk kwaad, een koude verplichting, een klus waarvoor hij niet opgeleid is. Hij loopt mokkend door het huis. Mopperend, voor degene die zijn pad kruist. Rammend met de stofzuiger in zijn hand. Aan de vruchten ken je de boom. Natuurlijk is dat niet de enige vrucht. We zijn vaak nog een mengeling van oud en nieuw. En de ene keer poetsen is de andere niet, maar zo kun je jezelf wel ontdekken aan je bestemming: leef ik voor de hemel of de hel.
Kijkend naar hoe jij de dagelijkse dingen doet. Wat valt er dan op bij jou? Zijn er misschien pleisterplaatsen verheven tot verblijfplaatsen? Ligt je bestemming misschien wel in je bezit? Dan ga je er ook voor leven. Ligt je bestemming misschien wel in je werk? Dan ga je dat ook terugzien in je gezin, en dagritme. Ligt je bestemming in je uiterlijk? Dan ga je daar op teren. Ligt je bestemming in… nou?
Weet je wat misschien wel het meest duidelijke signaal kan zijn of je klaar bent voor de reis van het leven: waar is de Heer in je leven? Waar is de Heer in je dagritme, in je dagelijkse keuzes, in je verlangen? Waar is de Heer in je zorgen en in je moeiten? Waar is Hij?
Ik sluit af. Ben jij klaar voor de reis van het leven? Die vraag is denk ik niet met een volmondige nee of ja te beantwoorden. Ik denk dat we beiden zullen herkennen. Daarom kan je deze vraag gerust elke dag stellen. Ben ik klaar voor de reis van mijn leven? Hoe sta je op? Het kan helpen om te beginnen zonder je telefoon. Begin eens met wie je bent voor God. Begin bij je bestemming. Is de Heer je grote schat? Is Zijn genade je genoeg? Vraag jezelf dan af: gezien de genade waar ik naar op weg ben, hoe kan Zijn genade vandaag mijn leven bepalen? En bid, betrek God, heilig je leven: Heer, U weet hoe mijn dag eruit zal zien, alleen als Uw genade op mijn netvlies staat kan het ook de drijvende kracht worden in alles wat mij doet. Help mij in mijn zwakheid!
Bespreek samen de vraag van deze preek, en probeer eens aan de hand van je dagelijkse bezigheden, en de manier waarop jij je dagelijkse bezigheden doet te ontdekken of jij al klaar bent voor de reis van je leven.
Amen