De kerk is geen patatje speciaal: maar wel gezond voor je

NGK Middelharnis https://ngkmiddelharnis.nl

Lieve jongeren, broeders en zusters, kinderen van de Vader,

De kerk is geen patatje speciaal. De kerk is meer als spruiten, bloemkool en broccoli. Je weet dat het goed is, maar je eet het vaak met tegenzin. “Hè bah, mam, eten we nu alweer boontjes? Jakkes, ik ga echt geen witlof eten hoor. Ik hoef vanavond geen eten, ik ben geen konijn dat ik die sla ga eten.” En je hoort je moeder of vader al geïrriteerd reageren: “zeg dat maar tegen de kinderen in Afrika.” Kan je niet schelen, je hebt geen zin in groen.

[…]

Nee, dan als je vrij bent van school! Je gaat met vrienden even langs de Snackcorner, of je gaat naar de AH. Samen met je vrienden kun je kopen wat je ouders je niet serveren. Een patatje speciaal, zak chips of snoep, frikandelbroodjes en energy drink. Heerlijk! En dan kom je thuis en heb je geen zin meer in die gezonde tjak die je vader of moeder heeft zitten maken. En je denkt wel eens bij jezelf: “als ik later zelf mag bepalen dan eet ik alleen nog wat ik lekker vind.”

Nu leert de ervaring dat diezelfde jongere later toch uit zichzelf groenten gaat eten. Je hebt het leren waarderen en je gaat het ook je eigen kinderen leren. Ook de groenten die je zelf niet het lekkerst vindt. Zo gaat dat. En je weet stiekem ook: wat is het bijzonder dat ik elke dag groente kan eten. Dat we geld hebben om gezond te eten. Want gezond eten is duurder dan al die ongezonde zakken chips. En je weet ook: zoveel mensen hebben het slechter.

De kerk is ook geen patatje speciaal. Als je kon kiezen deed je op zondagmorgen en -middag liever iets anders dan hier zitten. Thuis wachten er interessante games, of kan je een balletje trappen, of op je paard rijden, er wachten op jou duizenden flitsende filmpjes en allerlei apps waarin je met je vrienden de hele dag kan communiceren. Je hoeft er niets voor te doen, je hoeft er soms niet eens bij na te denken en de tijd is zo voorbij. Terwijl je je hier vaak de tijd zit te doden. Er zijn veel leukere vloggers op YouTube dan de dominee op de preekstoel. Er zijn veel hippere liedjes dan de liederen in de kerk. Sommigen van jullie kunnen niet eens wachten tot dienst over is. Die gaan al tijdens de dienst op hun telefoon hangen. Je sluit je gewoon af voor wat er hier gebeurt. Je zit alvast in de wereld die je wel wilt. Ik had vroeger dan geen telefoon, maar ik fantaseerde over welk spel ik na de kerkdienst ging spelen. Nee, doe mij maar dat patatje speciaal, niet de groente van een kerkdienst.

Groentes. Ze zijn niet altijd lekker, maar wel goed voor je. Maar als je kunt kiezen, kies je niet altijd voor wat goed is. En zo zit dat ook met de kerk. Als je zelf kon kiezen zat je hier wellicht niet. Woorden als saai, tegenzin werden genoemd door jullie en ik ken het ook uit mijn eigen jeugd. Iemand zei treffend: we staan vaak neutraal tegenover God. Ik vatte dat op als: God is vaak zo gewoon. En weer iemand zei dat je het vaak normaal vindt dat God goed is voor ons. Zoals we elke dag eten normaal vinden, zo vinden we het ook heel normaal dat God goed is en liefdevol.

Tot zover niets nieuws onder de zon. Ik denk dat ieder mens deze gedachten van jongeren kent. Maar er was ook iets dat mij bijzonder verraste aan jullie reacties. Er schreef iemand over de kerk je gaat er vaak met tegenzin heen, terwijl als je er eenmaal zit je het wel leuk en interessant vindt om nieuwe dingen te leren over God. En dat zij daarin niet de enige was bleek wel welke verzen jullie uit Psalm 100 het mooiste vonden en waarom. Jullie waardeerden vooral de verzen 3 en 5 en juist die verzen vertellen ons wie God is. Juist die verzen vertellen ons waarom het volk Israël in Psalm 100 heel de aarde oproept te juichen voor God. Om blij te zijn met Hem. Waarom moeten we leren danken? Omdat God goed is! Er is alle reden om dankbaar te zijn.

Gods goedheid smaakt  goed

We lezen het gedeelte nog een keer en gaan er even goed op kauwen! Dus blijf erbij met je hoofd.

Psalmen 100:3 NBV Erken het: de HEER is God, hij heeft ons gemaakt, hem behoren wij toe, zijn volk zijn wij, de kudde die hij weidt.

Er staat letterlijk: Jahwe is God. Uit eerbied voor God vertalen we de naam JAHWE met HEER. Dat gebruik komt van de Israëlieten, maar het is wel belangrijk dat we mogen weten wat zijn naam betekent. God vertelde zelf eens aan Mozes wat zijn naam betekent: Ik ben die er zijn zal. Of IK ZAL ER ZIJN.  Dus Israël zegt tegen de wereld: let op! IK ZAL ER ZIJN is GOD. Hij heeft ons gemaakt. Je behoort Hem toe. En dat is niet in je nadeel, want wij hebben dat Hij zorgt voor ons als een herder voor zijn schapen. We leren in vers 3 dus dat God heel erg betrokken is op je leven.

Het is de moeite waard om IK ZAL ER ZIJN te kennen. In vers 5 leren we het karakter van God kennen. Wie is de HEER?

Psalmen 100:5 NBV de HEER (IK ZAL ER ZIJN) is goed, zijn liefde duurt eeuwig, zijn trouw van geslacht op geslacht.

We leven in een wereld waarin niemand altijd goed is, en geen mens altijd uit liefde handelt, en geen mens gekend wordt als altijd betrouwbaar. Je vrienden kunnen je laten vallen, ze kunnen achter je rug om over je praten. Je ouders kunnen ook weg komen te vallen. En je weet van jezelf ook dat je niet altijd het goede doet. In die wereld is er één iemand altijd betrouwbaar. Nader daarom tot die God is het refrein van de Psalm. Vers 2 en vers 4 roepen Israël op God te bezoeken in de tempel.

Kan dat zomaar dan, was jullie vraag. Hoe kan God van ons houden als wij zondig zijn? Hoe kan God nu zo graag ons willen zien, als wij Hem niet graag willen zien. Waarom zou God ons dan goed moeten behandelen, als wij Hem niet zoeken, niet eens reden zien om Hem te dienen, en vaak niet eens dankbaar zijn? Goede vragen. Waarom doet God ons goed, als wij helemaal niet ons best doen Hem te zoeken?

Het antwoord is even simpel als wonderlijk. Omdat God zelf goed is, liefdevol en betrouwbaar. IK BEN DIE IK BEN (Oude vertaling)/ IK BEN DIE ER ZIJN ZAL / IK ZAL ER ZIJN: hoe je het ook vertaalt, God is onveranderd dezelfde. Hij blijft goed, liefdevol en trouw. Kom mensen ga naar God, Hij is goed! Hij wil dat we naar Hem toegaan.

Daarom woonde God onder zijn volk. Daarom had Israël een tempel. Omdat God wilde laten zien hoe dichtbij hij bij de mensen is. De tempel was de plek waar God ontmoet wilde worden. Niet dat God een huisje nodig heeft. Maar het was een teken voor de mensen! Zie ik ben bij jullie. IK ZAL ER ZIJN! Zo zeker als de tempel er staat. God maakt voor gewone mensen zichtbaar wat hij belooft. Zo doen wij dat ook in de kerk met doop en avondmaal. God heeft niet het water nodig van de doop om ons te vergeven. Het water is een zichtbaar teken voor ons mensen: zo zeker als dit kindje gewassen wordt met water, zo zeker was ik je schoon van zonden. En dat geldt ook voor het avondmaal. Zo zeker als dit eten je voedt, zo schenk ik je leven door mijn dood. Dus daarom stond er een tempel. Zichtbaar teken van Gods aanwezigheid.

Maar het gebouw zelf leerde ons ook iets over God. Als je de tempel goed bestudeert, ga je ontdekken dat het niet helemaal gewoon is dat God goed is voor ons. De tempel was namelijk omringd met een muur. En binnen die muren was er eerst een heel groot plein, het voorhof genoemd. En in de tempel zelf mocht niemand komen dan eens per jaar de hogepriester. Hiermee liet God zien: ik wil bij jullie wonen, maar besef wel dat ik niet zoals jullie ben. Ik doe geen zonde, dus was hij afgezonderd van de mensen. We noemen God daarom ook wel heilig, afgezonderd! Ik ken geen zonde en ik wil die zonde ook niet in mijn midden hebben. Je mocht de poort niet door als je onrein was. Als je zonde deed was je niet welkom. En in de tijd van Israël mocht een heiden ook niet binnenkomen tenzij iemand zich bekeerde.

Maar iedereen deed zonde toch? Klopt. Daarom offerden priesters namens het volk dieren op het altaar in de voorhof. Het dier stond symbool voor wat ik heb verdiend. Een zondaar kan voor God niet bestaan. Zo kan je voor God niet komen. Maar omdat God toch wilde dat de mensen met God mochten omgaan, had God de offerdienst ingesteld.

Eens per jaar mocht de hogepriester (dat is de belangrijkste priester) een offer brengen namens het hele volk. Met een beetje bloed ging de hogepriester naar Gods troon en het bloed dat dan vloeide stond dan symbool voor de zonden die God vergeeft. De offers maakten het goed tussen God en mensen. Houdt God dan van dode dieren? Nee, maar dit heftige middel gebruikte God om ons te leren inzien hoe ver we van God zijn weggeraakt. We zijn echt heel ver heen en toch zoekt God je op. Je leerde dus enerzijds hoe groot je schuld was, maar in het offer leerde je ook hoe kostbaar het is dat God vergeeft.

Vandaag de dag hebben we geen tempel meer. Toch mogen alle mensen in de wereld tot God komen. God ziet ons graag. Het bewijs dat God ons graag ziet, is het grote offer dat Jezus bracht door zijn eigen leven af te staan. Jezus wordt daarom in het Nieuwe Testament wel én hogepriester genoemd en Offerlam. Jezus vervangt de tempeldienst. Hij maakt van zijn volgelingen een tempel. God wil in je wonen door Zijn Geest. En jij mag God naderen zonder dat je het hebt verdiend.

Hebreeën 4:14–16 NBV Nu wij een hooggeplaatste hogepriester hebben die de hemel is doorgegaan, Jezus, de Zoon van God, moeten we vasthouden aan het geloof dat we belijden. Want de hogepriester die wij hebben is er een die met onze zwakheden kan meevoelen, juist omdat hij, net als wij, in elk opzicht op de proef is gesteld, met dit verschil dat hij niet vervallen is tot zonde. Laten we dus zonder schroom naderen tot de troon van de Genadige, waar we telkens als we hulp nodig hebben barmhartigheid en genade vinden.

Lieve jongeren, de kerk is geen patatje speciaal. Dat besef ik me heel goed. Maar weet je, het leven is ook geen patatje speciaal. School is geen patatje speciaal, vriendschap is niet altijd een patatje speciaal. Je gezin is niet altijd een patatje speciaal. Mijn ervaring is dat er heel veel kapot is. Ook in jou. Als je dat wil vergeten door alleen maar voor het patatje speciaal te leven dan gaat je dat niet gelukkig maken. Van alleen patatjes speciaal wordt je ziek. Natuurlijk zijn patatjes speciaal feestelijke momenten, maar van alleen patat raak je op den duur zat.  Leven alleen voor de leuk, levert je later niet veel op. God weet ook dat ons leven geen patatje speciaal is. Daarom is Hij naar ons toegekomen om ons brood te geven dat altijd voedt. Dat is niet altijd het lekkerste eten, maar het is wel altijd gezond.

Jullie hebben zelf  maandag ontdekt dat er mooie dingen over God te leren zijn. Ik zou je willen uitdagen, blijf daar maar op kauwen. En voor de mensen die graag met een concrete opdracht de deur uitgaan zou ik zeggen: leer de groente van het goede nieuws proeven en kauwen. Dat betekent: schenk echte aandacht aan de kerkdienst. Schrijf mee, zoals het preekschrijfblad wat is uitgedeeld. Stel jezelf vragen om je eigen hart wakker te maken:

  1. Waar wil ik God voor danken?
  2. Wat heb ik geleerd over God?
  3. Wat wil ik anders doen in mijn leven

En als je dan Bijbelleest thuis, vraag jezelf af: wat heb ik zojuist ontdekt over God? Schrijf dat op in bijvoorbeeld een notitebijbel. Doe aan Biblejournaling. Maar vooral, als je Hem beter leert kennen: praat met Hem. Nader tot Hem. Want zonder te praten, betrek je God ook niet in je leven. Maar als je nu probeert wat je van God ontdekt te verbinden met je gebed, dan zul je merken dat God veel tastbaarder verbonden is met je dagelijkse leven. Als je het lastig vindt om niet mee te lopen met je vrienden als ze dingen doen waar jij niet achter staat, weet dan dat God zij die eerlijk proberen te leven beschermt. Spreuken 2:7: De Heer geeft geluk aan eerlijke mensen, aan mensen die hem trouw zijn. Hij beschermt hen. Als je het soms moeilijk hebt in je huwelijk. Denk dan aan Gods eeuwige betrouwbaarheid en vraag Hem: help mij zo trouw te zijn als U bent voor mij. Zo verbindt je wat je ontdekt over God aan wat je in je leven ervaart.

Je zult dan zelf proeven: Gods goedheid smaakt goed. Dat smaakt naar meer!

Amen